web analytics
Puddle of Mudd

“Frans fucking hates me” – (foto)verslag Puddle of Mudd

Concertverslag Puddle of Mudd – 12 juni 2012 – Melkweg The Max Amsterdam

Foto’s: Benjamin Kamps
Tekst: Frans Pos 

Iedereen maakt een muzikale ontwikkeling door. Zo zal mijn 20-jarige huisgenoot over een jaar of drie (hoop ik) in gaan zien dat deephouse en techno geen gezellige borrelmuziek is, net zozeer als dat ik op die leeftijd leerde dat Coldplay niet de beste band ter wereld is.

Toch blijven guilty pleasures bestaan die je maar niet loslaten. Een muzikale faux-pas die je vroeger fantastisch vond en tegenwoordig nog maar zelden op de radio voorbij hoort komen. Maar als ze langs komen, dan zing je uit volle borst mee.

Voor mij was dat ‘Come Clean’ van Puddle of Mudd uit 2001. Die eerste single alleen al, ‘Control’. Lekker in het gehoor, strak geproduceerd (door ontdekker Fred Durst) en bovenal: het was rock. Grunge was in die tijd net een beetje aan het afsterven, en een nieuwe orde van post-grungers zou opstaan om de gitaarmuziek te redden. De malaise van alle poppy klinkende muziek zou tegenwicht krijgen van bands als Saliva, P.O.D en bovenal: Puddle of Mudd.

 

 

Zat ik daar even naast. Na het fantastische ‘Come Clean’ van Wes Scantlin en de zijnen, werd het een beetje stil rondom de band. Daarna verschenen er nog drie andere studioalbums, maar een knappe jongen die daar nog één nummer van kan opnoemen.

 

 

Toch was ‘Come Clean’ een reden voor mij om afgelopen dinsdag naar de MAX te gaan in de Melkweg. Puddle of Mudd zou vast en zeker de in mijn puberteit zo beminde nummers gaan spelen. En ik zou niet de enige zijn; de band is lang uit de spotlights geweest in ons land, maar we zouden ze niet vergeten zijn.

Deels was die gedachte waar. De band teerde het hele concert op voornamelijk op het succes van ‘Come Clean’. Maar de manier waarop het ten gehore werd gebracht, was dan weer gênant. Wes Scantlin, die drie dagen voor het concert 40 was geworden, maakte -om het politiek correct uit te drukken- een afwezige indruk. De alcohol en drugs maakten van de 29-jarige rockbaas uit 2001 deze avond in Amsterdam een 40-jarige zwalkende koekebakker.

 Als opener werd ‘Control’ ingezet. Scantlin zat er qua gitaarspel steeds naast, en zingen leek hij ook al verleerd. Gelukkig werd na het eerste nummer zijn gitaar subtiel afhandig gemaakt door een roadie. Die stem mocht hij houden, tot mijn grote ergernis. Alsof hij keelontsteking had blèrde hij nog anderhalf uur door.

Dan dat andere punt: post-grunge was toentertijd in mijn beleving huge, en dus zouden er veel van mijn leeftijdsgenoten met hetzelfde sentiment naar de Melkweg zijn afgereisd. Uiteindelijk stond er een kleine verzameling van puisterige metalheads, ouwe lullen met bierbuiken en verliefde dertiger-stelletjes. Ze hadden één ding gemeen: iedereen stond stil. Heupwiegen. Puddle of Mudd kende toen al geen echte doelgroep, nu nog steeds niet.

Teleurgesteld ging ik weer naar huis. Was dit het rockmonster dat in 2001 de zolderkamer van mijn ouders bewoonde en regelmatig voor boze telefoontjes uit de buurt zorgde? Bij het laatste nummer van de avond, ‘megahit’ ‘She Hates Me’, hoorde ik in mijn gedachten Scantlin nog hees zeggen ‘Frans fucking hates me‘. Voor het kapotmaken van een blijkbaar al dood genre.

Puddle of Mudd – ‘Drift & Die’ Live @ Melkweg, Amsterdam 2002:

Hire PHP Developer India